Toespraak

Geen opening zonder woordje…

Ik heet u allen van harte welkom op deze expositie. Een kleine expositie, maar wel eentje waar ik erg trots op ben.

De foto’s die u hier kunt bekijken zijn het resultaat van een lang, lang proces. Een paar jaar geleden kreeg ik het idee voor dit project. Fijn, denk je dan, ik heb een idee! Een idee ten uitvoer brengen is dan weer een heel ander verhaal. Dat geldt in ieder geval voor mij, en al helemaal voor dit idee, waarbij ik mensen puur wilde fotograferen.

Puur heeft hierbij voor mij twee betekenissen: In de eerste plaats denk ik dat kleding, make-up en dergelijke afleiden van de echte persoon. Ik ben overigens in dit idee bevestigd: ik heb het gevoel dat ik dichter bij de echte mens kom als die niets heeft om zich achter te kunnen verschuilen. Letterlijk en figuurlijk naakt dus. Daarnaast houdt puur voor mij in: nauwelijks tot geen retouchering met behulp van Photoshop: geen rimpels glad trekken, de huid niet egaliseren: het is zoals het is.

Het heeft me jaren gekost om mezelf toe te staan naakt mooi en waardevol te vinden, om het te ontdoen van het door maatschappij, kerk en opvoeding ingebrande ietwat viezige imago. En nóg meer jaren om dit project uiteindelijk ten uitvoer te brengen. Zo bezien is het best wel toepasselijk om met het resultaat in dit Witte Kerkje te exposeren.

Toen ik uiteindelijk met mijn idee naar buiten trad, een project om mensen puur te portretteren, kreeg ik heel vaak positieve reacties: Goed man, moet je doen! Gaaf! Op mijn vraag of zij (in eerste instantie heb ik het er met vrouwen over gehad) dan ook mee wilde doen, werd dan weer wat afhoudender gereageerd: Nou nee, dat is niks voor mij... Zo kwam het natuurlijk niet van de grond.

Het lezen van Elisabeth Gilbert’s boek “Big Magic” bracht een versnelling op gang. Zij stelt, kort gezegd, dat ideeën een eigen leven hebben, en dat ze op zoek zijn naar iemand om het ten uitvoer te brengen. Wordt je door een idee bezocht, en doe je er niets mee, of wacht je te lang, dan gaat het idee op zoek naar iemand anders die wél ruimte heeft om het idee te verwezenlijken. Je mag dit onzin vinden, maar het had op mij in ieder geval het gewenste effect: ik voelde dat als ik “mijn” idee nog uit wilde voeren, ik in actie moest komen. Er waren in die tijd een aantal projecten die op dezelfde leest geschoeid waren, en ik was bang dat het momentum zou vervliegen.

Dus! Als pilot (ik moest toch kunnen laten zien wat het idee is) heb ik zelfportretten gemaakt, om die aan mensen laten zien met de vraag of ze mee wilden doen. Doodeng vond ik dat! Maar de angst dat ik het idee zou verliezen was groter dan de angst om mensen te vragen. En na een paar keer begin je er aan te wennen: dan gaat het wat gemakkelijker.

Ik vond het elke keer weer spannend om met een nieuwe gegadigde de studio in te gaan. De spanning en onzekerheid bleef, maar gaandeweg kreeg ik er wel meer vertrouwen in, ook in mezelf. Er is een groei zichtbaar tussen de eerste opnamen en latere sessies.

Ik ben erg trots op dit project. Niet alleen op het prachtige resultaat, waarvan hier de foto’s getuigen, maar ook op het feit dat dit project helemaal uit mezelf is gekomen, en door mezelf is gerealiseerd. Maar natuurlijk heb ik het niet kunnen realiseren zonder de soms in een opwelling, zonder na te denken toezegde medewerking van de mensen die ik heb mogen portretteren voor dit project. Sommigen hebben slapeloze nachten gehad bij het idee de studio in te moeten. Als het een troost is: ik heb die ook gehad! Het is dan mooi om te zien dat iedereen uiteindelijk heel enthousiast is over de deelname (of ik moet me sterk vergissen). Een mooier compliment kan ik niet krijgen.

Portraits Purs heeft wat ik wil met fotografie wel wat veranderd. Ik weet nog niet hoe dat uit gaat pakken. Mensen gaan een grotere rol spelen dan voorheen. Portraits Purs heeft ook mijzelf veranderd. Ik ben er blij mee.

Toch wil ik een kleine kanttekening plaatsen. Ik ben uiteindelijk bijna zestig moeten worden om iets te doen waar ik erg trots op ben. Iets dat helemaal van mij is. Iets dat uit mijn hart komt. Ik heb het in mijn jongere jaren nooit gedurfd. Ik durfde niet de gelegenheid te grijpen, durfde niet op te komen voor iets dat ik graag wilde. Het is eng om dat te doen, ik vind het zelfs nu nog eng, maar potdorie, wat levert het op! Natuurlijk krijg je een keer een “Nee” te horen. Hou vol, het hoort er bij! Ik wil maar zeggen: Wacht niet tot je zestigste om dan dezelfde conclusie te moeten trekken, maar pak de gelegenheid met beide handen aan als die zich aandient. Het is zo jammer als je talent niet tot ontplooiing komt. Wacht niet, maar doe het. Doe het nu!

Dank u wel.